Te weinig, te laat

Bron: Nieuwsblad.be - maandag 29 juli 2013 - Auteur: Liesbeth Van Impe

Al meer dan tien jaar is de problematiek van de opvang voor gehandicapten niet meer weg geweest van de politieke agenda. Opeenvolgende Vlaamse regeringen hebben geprobeerd de wachtlijsten in te korten en extra plaatsen te creëren. Maar bij elke investering volgde de constatatie dat het niet zou volstaan.

Intussen heeft het dossier af te rekenen met een zekere vermoeidheid. Het lijkt een onoplosbaar probleem te zijn, dat altijd zal blijven bestaan. Politici hebben geleerd op een kleine vooruitgang te wijzen en vervolgens naar de beperkingen van hun budgetten te verwijzen. Aangezien de meeste mensen niet met een handicap in de directe omgeving geconfronteerd worden, raken ze daar ook mee weg.

Het Europees Comité voor de Sociale Rechten, dat vanuit Straatsburg de naleving van het Europees Sociaal Handvest moet garanderen, denkt daar anders over. Het tikt België op de vingers omdat er niet genoeg opvang voorzien wordt. Dat is meteen een breekijzer voor belangenorganisaties om voor Belgische rechtbanken het recht op opvang af te dwingen.

Het probleem is immers niet onoplosbaar, het is alleen moeilijk. Het opvangprobleem oplossen vraagt vooral veel geld. Een rijke regio als Vlaanderen kan bezwaarlijk inroepen dat ze dat geld niet heeft. Ze kan alleen zeggen dat ze in budgettair krappe tijden niet de keuze maakt om het daar te investeren.

De gevolgen zijn intussen genoegzaam bekend. Ouders die zoveel als ze kunnen doen voor hun gehandicapte kind, maar boven hun draagkracht worden aangesproken. Een 21ste verjaardag van een gehandicapt kind die zelden feestelijk is, omdat de opvang voor volwassenen te beperkt is en dus voor nieuwe problemen zorgt. Ouders die zich zorgen maken over wie voor hun kind zal zorgen als ze het zelf niet meer kunnen. En af en toe een drama dat de radeloosheid onderstreept.

Een samenleving moet je beoordelen op de manier waarop ze met de zwaksten omgaat. De aanslepende opvangcrisis zou ons daarom meer moeten storen dan nu het geval is. We kunnen de andere kant blijven uitkijken, maar we mogen dat niet doen. Europa geeft ons nu een morele veroordeling. Juridisch heeft die geen directe gevolgen. Maar wie ze daarom wegwuift, mist wel het hele punt van zo’n morele veroordeling.